Posts Tagged ‘luisteren’

de kracht van ont-moetingen

Ik ontmoet haar op een zonovergoten terras in de lente. Geduldig wachtend zit ze een boek te lezen. Ik ben, zoals vaak gebeurt, te laat. Nu was het de trein uit Londen die vertraging had, maar het is eigenlijk altijd wat.

Het boek blijkt voor mij te zijn. Ik bedank voor het boek, leg het opzij, ons gesprek vangt aan. We kenden elkaar enkel via de tegenwoordige vele virtuele netwerken op het internet. We praten heel even over de gebruikelijke koeien en kalveren, over onze ervaringen in het netwerk en dan over ons werk en discreet over onze klanten. We merken dat we veel gemeenschappelijk, maar ook veel verschillend hebben.

In een uurtje tijd leer ik een hele nieuwe wereld kennen van methodes, modellen, schrijvers en adviseurs die, op hun wijze, vergelijkbare klanten met vergelijkbare problemen helpen. Ons gesprek had geen doel, behalve zomaar kennismaken in de zon. Er moest niets. En er kwam veel. Nieuwe inzichten, nieuwe ideeën, nieuwe pistes om over na te denken.

Onze ontmoeting was een les in ont-moeten. Inzicht krijgen in elkaars visie en beseffen dat wat we dachten dat moest, misschien helemaal niet moet. Ik dacht aan Naema Tahir, de schrijfster, die in een interview met MO-magazine over “ontmoetingen” zegt: “ze doen je beseffen dat het mogelijk is om op een andere manier te leven dan de jouwe, dat je niet uitverkoren bent.”
En ze heeft gelijk, denk ik dan.

Ik herinner me het TV-programma “Op gelijke voet”, waarbij een directeur of manager zich gedurende een week tussen zijn mensen gaat begeven en mee de afwas doet, mee de post bedeelt, mee de fabriekshal schoonmaakt. Dergelijke ontmoetingen brachten inzicht, waarna veel “moetens” niet meer moesten omdat ze voorbijgestreefd of ronduit fout waren. Dergelijke ontmoetingen waren zo krachtig dat ze binnen de week investeringen veroorzaakten in een nieuwe machine of in een aangepaste werkplek. Krachtiger dan welke sterkte/zwakte-analyse of investeringsplan ooit zou kunnen zijn.  De ontmoetingen hadden iets ont-moetend.

Ik dacht aan de “Speaker’s Corner” die een klant organiseerde in zijn kantine voor zijn medewerkers. De “Speaker’s Corner” was een plek en moment tijdens de lunchpauze waar alle medewerkers een presentatie mochten komen geven over om het even welk onderwerp. Bedrijfsgebonden, persoonlijk, het maakte niet uit. Als het maar goed was voorbereid en maximaal twintig minuten duurde. Bedoeling was mensen meer te laten luisteren naar mekaar. Zonder meer. Het was een ont-moetingssessie. En iedereen stak er van op. Veel projecten kregen extra tips en hulp, vaak uit onverwachte hoek.

Ont-moetingen. We zouden het meer moeten doen. En het klinkt zoveel beter dan “netwerken”. Terwijl bij netwerken de klemtoon op het woordje werken ligt, zo voel je bij ont-moetingen eerder dat niets hoeft en alles kan.

Rood

Met gesloten ogen zat hij aan zijn bureau en keek voor zich uit. Nu ja, keek…Zijn ogen waren dicht. Hij hield ze dicht. Omdat hij dat wilde. Omdat hij dan zoveel meer zag.  Hij had er nochtans zo hard naar uitgekeken. Nu, na 35 jaar, bleek er een remedie te zijn tegen zijn beperking. Met een bijzondere operatie zou hij eindelijk kunnen zien. Daar waar baby’s hun zicht geheel ontwikkelen na enkele maanden, was dat bij hem nooit gebeurd. Om één of andere reden was hij blijven steken in het “rood”. Hij zag bijna niets en als hij iets zag, dan zag hij vooral wat rood was. De rest ging doorgaans aan hem voorbij. Maar de operatie had hem een volwassen zicht gegeven. Met alles erop en eraan. Hij zag.

In tegenstelling tot wat hij verwacht had, ging er geen nieuwe wereld voor hem open. Hij zag nu wel plots hoe een auto eruit zag of een kopje koffie. Hoe zijn koffielepeltje glinsterde in de zon. Dat glinsteren was wel nieuw. Warmte kreeg een gezicht. En hij zag de gezichten van de mensen die hem aanspraken. Maar iets klopte niet. De beelden van de gezichten stemden niet altijd overeen met wat hij dacht te hebben begrepen. Toen hij nog keek met zijn oren, meende hij te begrijpen wat men hem vertelde. In het bijzonder was hij goed in het detecteren van de emoties in een reactie, een opmerking, een antwoord. Op kantoor had hij zelfs de reputatie dat hij mensen veel beter begreep dan wie anders ook. Hij wist wat mensen echt bedoelden. Hij kon wellicht beter luisteren omdat hij blind was. Maar nu, nu hij hun gezicht erbij kreeg, was hij verward. Hun gezicht sprak soms “vriendelijkheid”, terwijl hun stem woedend was, of teleurgesteld. Meer dan minder was het beeld vaak tegengesteld aan de klank. Zo ook in de vergaderzaal. Iedereen praatte met iedereen. Vroeger kon hij bijna elk gesprek, hoe zeer ze soms ook door elkaar liepen,volgen en begrijpen. Nu had hij ogen te kort om te zien wat er rond hem gebeurde.

En zo kwam het dus dat hij besloten had zijn ogen terug te sluiten, nu weliswaar geheel vrijwillig. Zo zat hij daar, met gesloten ogen in een vergaderzaal, aandachtig te luisteren naar wat er verteld werd. Maar hij onthield heel goed de gezichten. Daar waar een normaal mens vele beelden, impressies en gezichten over de jaren in zijn hoofd verzamelde, waardoor je op je vijfendertigste al makkelijk een hele galerij met enkele honderden portretten in je geheugen zitten had, zo had hij er amper een tiental gezien.

Hij luisterde met gesloten ogen naar het debat en probeerde de gezichten te vergeten. Maar het ging moeilijk. De gezichten dansten voor zijn gesloten ogen.
“Hoe meer je van de buitenkant ziet, hoe minder de binnenkant zichtbaar is”, zei hij.
Zou dat enkel zo zijn met gezichten? Of verborgen al die rapporten ook de werkelijkheid? Hoe meer rapporten, hoe meer cijfers, hoe minder we weten? Is er een punt waar kennis meer verbergt dat ont-bergt? Of is het net omgekeerd? Waren de woorden al die jaren onjuist? En de gelaatsuitdrukkingen echt? En had hij dus al die jaren de echte informatie gemist? Hij was verward. Sinds hij zowel zag als hoorde wist hij niet meer wat echt was. Hij was ontredderd.

Hij opende de ogen. Het licht was te fel en de gezichten spraken opnieuw. Hij probeerde het omgekeerde en hield zijn handen voor zijn oren. Waren de gesprekken nu anders? Hoorde hij andere boodschappen nu zijn oren gesloten waren? Hij zag hoe zijn collega het topje van een balpen oppeuzelde, hoe een ander op het ritme van zijn stem een balpen steeds open en dicht duwde. En de vrouw naast  hem wreef discreet maar met o zo veel spanning in haar handen. Die op de hoek daar, die was helemaal niet akkoord. En toch bleef hij vriendelijk lachen.
Wat zeggen we? En wat bedoelen we? Wat denken we? En wat weten we? Wat geloven we? En wat voelen we?

Hoe goed de operatie aan zijn ogen ook was gelukt, hij zou het nooit echt weten.

De dingen spreken

Een kast. Een stoel. Een tafel. Hij zag zijn bureau na drie weken voor het eerst terug. En bij het zien van zijn meubilair herinnerde hij zich de laatste stomende vergadering in zijn kantoor. Hij was niet mals geweest. De sporen van het omgevallen glas waren vakkundig weggeveegd door de poetsploeg, maar hij zou het blijven voor zich zien. De tafel zou het hem blijven vertellen.   Zijn computerscherm. Vertelde hem dat hij zoveel had gewerkt. Al die uren turen naar die vele letters. Zijn telefoon. Vertelde hem over zijn belangrijkheid. Hem werd om raad gevraagd. Het tapijt herinnerde hem aan zijn secretaresse. De discussie over de juiste kleur. De deur. Vertelde hem over de afstand tussen hem en zijn personeel. De deur had een hoge drempel. Hij keek rond en zag dat de dingen spraken. Ze vertelden hem zoveel over hemzelf. Het was hem nog nooit eerder opgevallen. Maar nu, na drie weken afwezigheid, hoorde hij hun taal. Hij had besloten vroeg te komen op zijn eerste werkdag na de vakantie. Voor één keer de files voor zijn en van de gelegenheid gebruik maken om de uitpuilende mailbox een eerste maal te aanschouwen. Het was 7u. Het was stil. Hij keek naar het schilderij op de muur. Het vertelde hem over zijn voorganger en diens gebrek aan goeie smaak. Die had het daar opgehangen en hij had nooit de moeite genomen om het weg te nemen. Ook al vond hij het aartslelijk. Hij keek al twee jaar op een schilderij dat hij verschrikkelijk vond. Was dat nu een teken van karakter of van luiheid.

Hij wandelde zijn kantoor uit en het magazijn binnen. De heftruck vertelde hem over de werkijver van zijn oude magazijnier. Hij moest dat jubileumfeest voor Gerard nog organiseren.  De rollen kleefband fluisterden hem de naam van de nieuwe inpakker. De eerste verzending was bij de verkeerde klant terecht gekomen. 2340 km verkeerd. Hij glimlachte. Maar toen niet. Voor zijn vakantie was dit de basis geweest van een te luide uitbrander. Nu moest hij erom lachen. En tegelijkertijd schaamde hij zich voor zoveel commotie om niets. De vakantie had voor perspectief gezorgd. Het lege rek zei hem dat zijn leverancier nog steeds zijn goede voornemens niet was nagekomen. En het magazijn zelf vertelde hem dat zijn boekhouder te ernstig was. Zijn voorraad was te groot. De boekhouder kreeg er nachtmerries van. Terwijl zijn klanten dolgelukkig waren met de levertermijnen. Maar voor geluk is er geen rekeningnummer.

Hij keek rond en hoorde zijn bedrijf. Het bedrijf leeft. Tegen 8u30 komen er weer 67 mensen toe die met en voor hem twee vrachtwagens per dag zullen produceren. Twee vrachtwagens.  Voor zijn vakantie leek dit een contractuele evidentie. Nu ziet hij hoe uitzonderlijk dit is. Niet in de arbeidsovereenkomsten maar in de lange stok met ijzeren haak, die een oplossing blijkt te zijn om rollen die bovenaan de machine af en toe vastlopen, een tik te geven. Eenvoudige creatieve oplossingen die illustreerden hoe men bekommerd is om het werk. Hoe men trots is op zijn taak. En dat gebeurt allemaal vanzelf. Zijn afwezigheid heeft hem bevestigd dat het niet aan hem ligt. Maar aan de mensen zelf. Waarom die drang? Waarom wil men zich inzetten? Vanwaar komt die tomeloze energie? Hij las er een boek over, maar het gaf hem geen antwoord.

Het leven leeft. Niet alleen in de natuur of in een plant of een boom. Maar ook in een ding. Een werkinstrument.  In een verpakkingsmachine, een computerscherm, een koffiezet, een versleten deurknop, een scheefhangend parkeerbordje en uiteraard in de foto’s op zijn bureau. De foto’s. Hij had de foto’s op zijn bureau vervangen door nieuwe van zijn laatste vakantie.  Hij hoorde zijn zoon, de foto links, vragen: “spelen we straks voetbal?” En de rechterfoto zei: “hou je nog van mij?” Hij was verrast geweest van die vraag op die warme avond op een terras. Hoe lang zou de foto het volhouden om hem te zeggen dat hij nu toch naar huis moest gaan?

Het loont de moeite om na de vakantie eens te luisteren naar de dingen op kantoor. En te ontdekken wat ze je al die jaren reeds zegden.

Boerenomelet

Het was hem gelukt. Hij zat opnieuw veilig in de handen van iemand die hem nodig had. Iemand die, net zoals hij, belang hechtte aan het detail. Die tijd nam om het te begrijpen. Die handen behoorden Haar toe. Ze had amandelvormige donkere ogen die traag over de tekst gleden, elk woord tot in het kleinste detail in zich opnemend, likkend aan elke zin. Zo deed hij het ook. Meer nog, hij las elk woord, elke zin, elke bladzijde meerdere keren. Hij kon ook niet anders. Hij was een bladwijzer. En wat moet je anders doen als je enkele dagen tussen twee bladzijden gevangen zit. Dan lees en herlees je wat je hebt. Zoals een gevangene in zijn cel, waarbij de bib al enige tijd niet meer is langsgekomen. Hij is daardoor in staat om de nuances, op het eerste zicht onmerkbaar aangebracht door de schrijver, te ontwaren. De woordkeuze, de volgorde, de stijl, ze vertelden allemaal iets over het verhaal dat geschreven stond. Lange zinnen met veel adjectieven die lyrische beelden opriepen. Korte, krachtige zinnen met éénlettergreepwoorden die energie uitstraalden. Snelle lezers kunnen dit niet. Snelle lezers scannen. Ze zappen van het ene woord naar het andere, met als methode die woorden die hen het meest aantrekken. Termen uit hun eigen context, leven of werk, of gewoon seks. Als er seks aan te pas kwam, dan stokte het leesritme. Hij had ondervonden dat dit de enige redenen waren waarom de snelle lezer bepaalde passages van een tekst las.

Hij was de icoon van de traagheid. Immers, alleen wie traag leest heeft nood aan een bladwijzer. In rapporten, studies, bedrijfsdocumenten zitten geen bladwijzers. Ze worden er ook niet bijgeleverd. Meer nog, er wordt op aangedrongen dat bedrijfsdocumenten kort en krachtig zijn. Er is geen tijd te verliezen. Stel je voor dat je een offerte bezorgt aan een klant met een bladwijzer erbij.

Edoch, het zou misschien duiden op het unieke karakter van de leverancier of de klant. Zoals hij het zag, zoekt de snelle lezer naar herkenbaarheid. Zou het dan niet beter zijn om op zoek te gaan naar wat anders is? Naar het verschil? De klant bestelt een nieuwe verwarmingsinstallatie en we gaan op zoek naar wat we al kennen zodat we onze standaard offerte kunnen aanbieden. Da’s praktisch. En da’s goedkoop. Waarom niet luisteren naar de details, de nuances, de punten waar we misschien echt iets kunnen betekenen voor mekaar?

En zo zat hij dus aanvankelijk in het boek dat de snelle lezer had gekocht op de boekenbeurs. Weer eens een goed voornemen om “eens iets te lezen”. Maar de deadline verplichtte hem om te scannen. Zo had hij na een half uur de eerste dertig pagina’s reeds verwerkt. Toen de snelle lezer opstond, hij was toch al een half uur niet productief geweest, en het boek dichtklapte en rechthield, wurmde de bladwijzer zich nog snel vantussen pagina 34 en 35 en viel op de grond. De snelle lezer had het, uiteraard, niet opgemerkt. Zijn partner wel. Toen ze ’s avonds thuis kwam en zich in de zetel neervlijde, raapte ze de verloren bladwijzer op en stak hem in haar nieuwe kookboek. En hoe meer hij het las, hoe beter hij begreep waar het verschil zat tussen een boerenomelet en een hele lekkere boerenomelet.

Inschrijven voor verhalen
We publiceren regelmatig nieuwe verhalen. Schrijf hier in en ontvang twee keer per maand onze nieuwsbrief met een nieuw verhaal en interessant nieuws in je mailbox.
Jens in ‘t kort
inspireren comparatieve filosofie innovatie regisseur reorganisaties software testing adviseur acteur passie Ulrich Libbrecht vader eigen bedrijven spreker Charles Handy samenwerken David Maister Sumantra Ghoshal lesgever timmeren motivatie Willem Vermandere Toon Hermans verhalenverteller percussie schrijver
Meer over Jens Pas