Posts Tagged ‘kleuter’
Zandkasteel
Vanop mijn buik, het hoofd een kwart gedraaid op het strandlaken, sloeg ik het kind gade. Gewapend met emmer en een klein plastieken schopje bouwde het enkele meters verderop ijverig aan de toekomst. Die toekomst lag voor de kleuter enkele minuten voor hem. Het moment dat zijn kasteel af zou zijn. Veel verder gingen zijn plannen niet. Althans zo denk ik toch. Hij metselde erop los. Water mengen met zand, schelpen als decoratie. Vanuit mijn perspectief gezien was hij aan een heuse toren van Babel bezig. De toren werd steeds groter. De omwallingen die het bouwwerk moesten beschermen tegen de opkomende zee, steviger. Eén toren werden er twee. Na enige tijd was de toren uitgegroeid tot een uit de kluiten gewassen burcht waar de bouwheer zonder veel moeite binnen en buiten kon wandelen. Ik zag hoe mensen aan en af liepen, de bouwheer loofden voor zijn inzet, zijn prestatie. De kleuter was geen kleuter meer, maar een prins, neen, een keizer in zijn rijk. Hij was het voorbeeld van werkijver, inzet, concentratie en zelfs doorzettingsvermogen. Ik zag en ik keek ernaar. Ik herkende mezelf in het tafereel. Of toch niet? Want ik vond geen enkele stress bij de kleine reus terug. Hij bleef maar kraaien en glimlachen. Iets wat ik reeds lange tijd, dat kraaien op zijn minst, niet meer had gedaan. Zijn realisaties werkten aanstekelijk. In geen tijd werden er nieuwe bouwputten gegraven door nieuwe bouwheren die in de schaduw van de succesvolle pionier hoopten ook deelachtig te worden in de voorspoed. De kleine vond het allemaal ok, zolang ze maar van zijn omwallingen afbleven. Een hele nederzetting kwam tot leven met de burcht als centrum. Er werd handel gedreven. Schelpen wisselden van eigenaar in ruil voor papieren bloemen of andere versieringen. De kleine had het. Mercantiel, met de juiste timing had hij zijn imperium uitgebouwd.
Ik schoot wakker. De nederzetting was weg. Er was enkel die kleine hoop zand die een toren moest voorstellen in de verbeelding van een kleuter. Ik zocht de ondernemer uit mijn dromen en vond hem aan de waterlijn huppelend in de golven. Zijn grootse realisatie was hij alweer vergeten. Hij was zichzelf gebleven. “Moet ik ook doen”, dacht ik, waarna ik me omdraaide en opnieuw insliep.
