Posts Tagged ‘horen’
Rood
Met gesloten ogen zat hij aan zijn bureau en keek voor zich uit. Nu ja, keek…Zijn ogen waren dicht. Hij hield ze dicht. Omdat hij dat wilde. Omdat hij dan zoveel meer zag. Hij had er nochtans zo hard naar uitgekeken. Nu, na 35 jaar, bleek er een remedie te zijn tegen zijn beperking. Met een bijzondere operatie zou hij eindelijk kunnen zien. Daar waar baby’s hun zicht geheel ontwikkelen na enkele maanden, was dat bij hem nooit gebeurd. Om één of andere reden was hij blijven steken in het “rood”. Hij zag bijna niets en als hij iets zag, dan zag hij vooral wat rood was. De rest ging doorgaans aan hem voorbij. Maar de operatie had hem een volwassen zicht gegeven. Met alles erop en eraan. Hij zag.
In tegenstelling tot wat hij verwacht had, ging er geen nieuwe wereld voor hem open. Hij zag nu wel plots hoe een auto eruit zag of een kopje koffie. Hoe zijn koffielepeltje glinsterde in de zon. Dat glinsteren was wel nieuw. Warmte kreeg een gezicht. En hij zag de gezichten van de mensen die hem aanspraken. Maar iets klopte niet. De beelden van de gezichten stemden niet altijd overeen met wat hij dacht te hebben begrepen. Toen hij nog keek met zijn oren, meende hij te begrijpen wat men hem vertelde. In het bijzonder was hij goed in het detecteren van de emoties in een reactie, een opmerking, een antwoord. Op kantoor had hij zelfs de reputatie dat hij mensen veel beter begreep dan wie anders ook. Hij wist wat mensen echt bedoelden. Hij kon wellicht beter luisteren omdat hij blind was. Maar nu, nu hij hun gezicht erbij kreeg, was hij verward. Hun gezicht sprak soms “vriendelijkheid”, terwijl hun stem woedend was, of teleurgesteld. Meer dan minder was het beeld vaak tegengesteld aan de klank. Zo ook in de vergaderzaal. Iedereen praatte met iedereen. Vroeger kon hij bijna elk gesprek, hoe zeer ze soms ook door elkaar liepen,volgen en begrijpen. Nu had hij ogen te kort om te zien wat er rond hem gebeurde.
En zo kwam het dus dat hij besloten had zijn ogen terug te sluiten, nu weliswaar geheel vrijwillig. Zo zat hij daar, met gesloten ogen in een vergaderzaal, aandachtig te luisteren naar wat er verteld werd. Maar hij onthield heel goed de gezichten. Daar waar een normaal mens vele beelden, impressies en gezichten over de jaren in zijn hoofd verzamelde, waardoor je op je vijfendertigste al makkelijk een hele galerij met enkele honderden portretten in je geheugen zitten had, zo had hij er amper een tiental gezien.
Hij luisterde met gesloten ogen naar het debat en probeerde de gezichten te vergeten. Maar het ging moeilijk. De gezichten dansten voor zijn gesloten ogen.
“Hoe meer je van de buitenkant ziet, hoe minder de binnenkant zichtbaar is”, zei hij.
Zou dat enkel zo zijn met gezichten? Of verborgen al die rapporten ook de werkelijkheid? Hoe meer rapporten, hoe meer cijfers, hoe minder we weten? Is er een punt waar kennis meer verbergt dat ont-bergt? Of is het net omgekeerd? Waren de woorden al die jaren onjuist? En de gelaatsuitdrukkingen echt? En had hij dus al die jaren de echte informatie gemist? Hij was verward. Sinds hij zowel zag als hoorde wist hij niet meer wat echt was. Hij was ontredderd.
Hij opende de ogen. Het licht was te fel en de gezichten spraken opnieuw. Hij probeerde het omgekeerde en hield zijn handen voor zijn oren. Waren de gesprekken nu anders? Hoorde hij andere boodschappen nu zijn oren gesloten waren? Hij zag hoe zijn collega het topje van een balpen oppeuzelde, hoe een ander op het ritme van zijn stem een balpen steeds open en dicht duwde. En de vrouw naast hem wreef discreet maar met o zo veel spanning in haar handen. Die op de hoek daar, die was helemaal niet akkoord. En toch bleef hij vriendelijk lachen.
Wat zeggen we? En wat bedoelen we? Wat denken we? En wat weten we? Wat geloven we? En wat voelen we?
Hoe goed de operatie aan zijn ogen ook was gelukt, hij zou het nooit echt weten.
